Waterbeheerders: uniforme aanpak van lozingsvergunningen noodzakelijk

11 oktober 2015 07:43 uur

Waterbeheerders in Zuid- en Oost-Nederland roepen het Ministerie van Infrastructuur en Milieu op om het lozingenbeleid voor de mestverwerkingsinstallaties (mvi’s) te uniformeren en te borgen in nationaal waterbeleid. Ze zien een toename van aanvragen voor vergunningen om afvalwater van mestverwerkingsinstallaties (mvi’s) te lozen op rivieren, beken of riolering. Om die reden maken de waterschappen zich zorgen over de toenamen van nutriënten en risicovolle stoffen zoals antibiotica, antibiotica-resistente bacteriën en hormoonstoffen in de Nederlandse wateren.

Mestoverschot

In Nederland is sprake van een mestoverschot; er is meer mest dan de agrarische bedrijven verantwoord voor de teelt van de gewassen kunnen gebruiken. Sinds 2014 zijn agrarische bedrijven met een mestoverschot verplicht om een deel hiervan te (laten) verwerken. Dit om de milieudruk op landbouwgrond te verminderen. Ook biedt het ruimte voor innovatieve ontwikkeling van de veesector.

Situatieschets

Vanwege het grote mestoverschot in Zuid- en Oost-Nederland door intensieve veehouderij zijn mestverwerkingsinstallaties noodzakelijk. Bij het verwerken van mest, komt afvalwater vrij. Afgelopen twee jaar zijn ruim veertig vergunningen verleend voor het lozen van dat afvalwater op riolering of oppervlaktewater. De waterbeheerders in Zuid- en Oost-Nederland hanteren verschillende beleidskaders bij de vergunningverlening van lozingen van mvi’s.

Zorgen

Lambert Verheijen, dijkgraaf waterschap Aa en Maas: “Inmiddels is bekend dat er antibiotica en antibiotica-resistente bacteriën in dit afvalwater kunnen zitten. Als waterbeheerders maken we ons zorgen over de mogelijke effecten op volksgezondheid en milieu van deze én andere stoffen, zoals stikstof, fosfor, metalen en zouten. Wat nodig is, is een landelijk kader om deze lozingen op een juiste wijze te kunnen toetsen en al dan niet toe te staan. Op die manier kunnen de waterschappen en Rijkswaterstaat de kwaliteit van het water beschermen, het veiliger maken voor gebruikers en helderheid bieden aan aanvragers van vergunningen.”

Betrokken partijen

De waterschappen Aa en Maas, Brabantse Delta, De Dommel, Peel en Maasvallei, Rijn en IJssel, Vallei en Veluwe doen daarom gezamenlijk een oproep aan het ministerie om het lozingenbeleid van alle verschillende partijen en beheerders te uniformeren en te borgen in nationaal waterbeleid. Ook de LTO Nederland en Rijkswaterstaat vinden het belangrijk dat er landelijk duidelijkheid komt en wil hieraan meewerken. Daarom roepen de verschillende partners in Zuid- en Oost-Nederland het ministerie op om regie te nemen. De organisaties stellen zelf hun opgedane kennis ter beschikking over toe te passen zuiveringstechnieken en hun bevindingen bij vergunningaanvragen voor mvi’s. Bron: Waterschap Aa en Maas 8 oktober 2015.